Politieke situatie

Gedurende de 19de eeuw kwam Birma steeds verder in handen van Engeland en in 1886 maakten zij Birma een provincie van India. Na de scheiding van India in 1937 werd Birma een Britse kroonkolonie. Tijdens de tweede wereldoorlog vielen de Japanners Birma binnen en bezetten bijna het gehele land. In 1942 werd er een marionettenregering geïnstalleerd. Birma werd in 1945 door de geallieerden bevrijd en de Britten namen de macht weer terug. De Birmezen onder leiding van generaal Aung San eisten onafhankelijkheid. In 1947 werd Aung San vermoord en een jaar later, in 1948, werd Birma onafhankelijk. De democratisch geregeerde ‘Unie van Birma’ ontstond en U Nu werd aangesteld als minister-president. Binnen de Unie is nooit stabiliteit bereikt vanwege binnenlandse conflicten. Deze stabiliteit werd ook tegengehouden door onderlinge etnische en nationalistische kwesties, economische belangen en politieke stromingen.

Geleid door generaal U Ne Win, vond er in 1962 een militaire coup plaats. De democratische regering werd omvergeworpen en er werd een één-partij systeem ingesteld. De ‘Burma Socialist Programme Party’ trok alle politieke en bestuurlijk macht naar zich toe. De productiemiddelen werden genationaliseerd, het economische beleid gecentraliseerd en onafhankelijke berichtgeving werd verboden. In de jaren ‘80 werd de greep op de economie wat losser, maar de economische situatie bleef verslechteren.

Generaal U Ne Win trad in 1988 af. Hij werd vervangen door een groep gematigde militairen, die een meer democratisch beleid beloofden. In datzelfde jaar waren er een aantal studentenprotesten, die met harde hand werden neergeslagen. Hierbij werden meer dan honderd studenten en burgers gedood. De gebeurtenis leidde tot een massale volksopstand op 8 augustus 2008. Ook deze opstand werd met veel geweld neergeslagen. Er was sprake van chaos in het hele land. In september van hetzelfde jaar vond er een nieuwe coup plaats door een groep ultraconservatieve militairen onder leiding van generaal Saw Maung. Zij noemden zich SLORC (State Law and Order Restoration Council). In 1997 veranderde de naam in SPDC (State Peace and Development Council). In 1989 veranderde de militaire regering de naam van het land in Myanmar.

In 1990 werden er voor het eerst verkiezingen gehouden, die met 80% van de zetels gewonnen werden door de ‘National League for Democratie’ (NLD), een oppositiepartij geleid door Aung San Suu Kyi, de dochter van de eerder genoemde generaal Aung San. De junta heeft de verkiezingsuitslag tot op de dag van vandaag niet erkend. Vrijwel alle politieke tegenstanders, waaronder ook Aung San Suu Kyi, werden gearresteerd. Aung San Suu Kyi werd onder huisarrest geplaatst. In 1992 kwam werd Saw Maung vervangen door generaal Than Shwe.

Een jaar later stond Than Shwe toe dat er een nationale conventie plaatsvond, maar er moest wel een grote rol worden toegekend aan het militaire regime in de toekomstige regering. Met grote regelmaat schorste Than Shwe de nationale conventie. In 1995 verliet de NLD de nationale conventie en in maart 1996 werd de conventie opgeheven zonder een grondwet te hebben geformuleerd. De spanningen tussen de regering en de NLD werden steeds groter en de regering deed regelmatig invallen, waarbij veel leden werden gearresteerd.

In augustus 2003 kondigde de regering de ‘roadmap to democracy’ in zeven stappen aan. De regering claimt dat deze roadmap geïmplementeerd wordt, maar er is geen tijdsplanning, er zijn geen voorwaarden gesteld en ook een onafhankelijk mechanisme, waarmee de daadwerkelijke vooruitgang gecontroleerd kan worden, ontbreekt. Daarom zijn de meeste Westerse regeringen en Birma’s buurlanden sceptisch en kritisch over de roadmap. De eerste stap binnen de roadmap is het herinstellen van de nationale conventie om een grondwet te formuleren. Grote afwezige hierbij is de NLD van Aung San Suu Kyi. De grondwet moet vervolgens goedgekeurd worden in een nationaal referendum in mei 2008. Dit moet uiteindelijke resulteren in een andere stap van de roadmap, namelijk vrije en eerlijke verkiezingen in 2010.

Op 3 mei 2008 werd het land onbarmhartig getroffen door de cycloon Nargis. Een groot deel van het land worstelde met de enorme schade en betreurde de vele doden en gewonden. Desondanks heeft de regering het geplande referendum op 10 mei door laten gaan. Alleen in de zwaarst getroffen regio’s is het referendum twee weken uitgesteld. De bevolking is onder grote druk gezet om vóór de nieuwe grondwet te stemmen, een wet waarin de macht van de militaire regering verankerd wordt. Volgens de regering heeft 98% van de stemmers vóór de grondwet gestemd.

Het bestuur van Birma wordt sinds het aantreden van de junta’s algemeen beschouwd als een dictatuur. De machthebbers streven uitsluitend de eigen (persoonlijke) economische en financiële belangen na en laten geen ruimte voor politiek andersdenkenden. Openlijk, soms massaal protest en verzet vanuit de bevolking, onder andere de monnikenprotesten in 2007, wordt met harde maatregelen en fysiek geweld neergeslagen. Internationaal wordt een politiek van isolatie gevoerd. Media en mensenrechtenorganisaties wordt de toegang tot het land geweigerd en afkeurende signalen en sancties van de zijde van de internationale gemeenschap worden genegeerd.

Bron: Burma Centrum Nederland